Karamelsaus

karamelsaus

Je kunt karamelsaus op vele manieren gebruiken. Over je ijs, op de toef op cupcakes, door de yoghurt, op taarten en cakes of je kunt bijvoorbeeld ook karamel botercrème maken.

Ik had het al eens eerder gemaakt, maar toen werd het een groot fiasco. Ik had op een gegeven moment gewoon een heel hard brok karamel. Daar kan je dus helemaal niets mee. Met het onderstaande recept krijg je een mooie vloeibare karamelsaus. En eigenlijk is het heel gemakkelijk om het zelf te maken.



Ingrediënten Karamelsaus

voor ca. 250 ml

  • 115 gram ongezouten roomboter
  • 150 gram lichte basterdsuiker
  • 125 ml slagroom (het liefst op kamertemperatuur)
  • 1 theelepel vanille-extract
  • snufje zout

Werkwijze

  • Smelt de boter in een ruime pan, want de karamel neemt tijdens het koken namelijk flink in volume toe.
  • Als de boter is gesmolten, voeg je de suiker en het zout toe.
  • Roer met een garde door tot de suiker volledig is opgenomen. Neem ook de zijkanten van de pan mee.
  • Voeg dan de slagroom toe en blijf roeren tot het een egale massa wordt. Dit kan wel eventjes duren.
  • Als het begint te koken, als er dus veel bubbels komen, laat het dan vanaf dat moment 5 minuten zachtjes doorkoken, onder af en toe goed roeren.
  • Na het koken doe je het vanille-extract erbij en dan weer even goed doorroeren.
  • Doe de karamelsaus in een gesteriliseerde pot (10 minuten in kokend water, ook de deksel meekoken), doe de deksel erop en laat het afkoelen.

Tips

  • Als de karamelsaus afkoelt, wordt het wat steviger. Het dikt in. Als je het weer wilt gebruiken, verwarm het dan weer in een pannetje.
  • Een ongeopende pot karamelsaus kan je tot een jaar bewaren op een koele en donkere plaats. Na het openen kan je de karamelsaus ongeveer 2 weken in de koelkast bewaren.
karamelsaus in potje



Bitterkoekjescake

plakje bitterkoekjescake

Bitterkoekjescake. Een heerlijke variatie op de ‘gewone’ vanillecake. Het is het recept van de vanillecake, maar de suiker heb ik vervangen door lichtbruine basterdsuiker en bitterkoekjes toegevoegd, die zijn gedrenkt in amaretto. Als je geen alcohol wilt gebruiken, dan kun je deze stap ook achterwege laten.



Ingrediënten Bitterkoekjescake

  • 200 gram ongezouten roomboter
  • 200 gram zelfrijzend bakmeel
  • 200 gram lichte basterdsuiker
  • 4 eieren
  • 8 gram vanillesuiker
  • 1 theelepel vanille-extract
  • snufje zout
  • 100 gram bitterkoekjes (= ca. 10 stuks)
  • 2 eetlepels Amaretto (mag natuurlijk ook meer) (optioneel)

Benodigdheden

  • cakeblik 25 cm
  • spatel
  • beetje bloem
  • bakspray of boter
  • vel bakpapier

Werkwijze

  • Verwarm de oven voor op 160°C.
  • Zorg ervoor dat de boter en eieren op kamertemperatuur zijn.
  • Snijd dan met een scherp mes de bitterkoekjes in stukjes en verdeel de amaretto erover.
  • Vet daarna het cakeblik in met boter of bakspray en bedek de bodem en 2 lange zijkanten met een vel bakpapier. Knip het zodanig dat het past. Zo kan je straks heel makkelijk de cake uit het bakblik halen.
  • Mix de boter, de basterdsuiker, de vanillesuiker en het zout tot een romig geheel.
  • Voeg dan de eieren één voor één toe en mix tot het ei volledig is opgenomen voordat je het volgende ei toevoegt.
  • Vervolgens voeg je in gedeelten het zelfrijzend bakmeel toe.
  • Als laatste voeg je het vanille-extract toe. Mix tot slot alles nog even goed door.
  • Wentel daarna de bitterkoekstukjes even door de bloem (tegen het zakken).
  • Spatel de bitterkoekstukjes voorzichtig door het beslag. Houd een paar stukjes achter om bovenop de cake te strooien.
  • Stort dan het beslag in de cakevorm. Strooi de achtergehouden stukjes bitterkoek op de cake.
  • Zet het blik op een rooster in het midden van de voorverwarmde oven en bak hem gaar en goudbruin in ca. 60-65 minuten.
  • De cake is gaar als je met een sateprikker in de cake prikt en hij komt er schoon uit.

Tips

  • Bewaar de cake in aluminiumfolie, dan blijft hij een paar dagen goed.
  • Je kunt de cake (of een deel hiervan) ook invriezen, dan blijft hij zo’n 3 maanden goed.
bitterkoekjescake



Kaaskoekjes

kaaskoekjes op een bordje

Kaaskoekjes, een lekkere snack voor bij de borrel. Het deeg maak je van te voren, want het moet een tijdje de koelkast in. Je kunt het zelfs al veel eerder maken, want dan leg je de rol in de vriezer. Als je het nodig hebt, dan laat je het een nachtje in de koelkast ontdooien.



Voor de geraspte kaas kun je veel kaassoorten nemen. Kies wel een smaakvolle, niet te jonge kaas. Belegen, extra belegen, parmezaanse kaas. Heb je nog restantjes kaas in de koelkast liggen, dan kun je die hiervoor goed gebruiken. Ik gebruikte zelf extra belegen kaas en grana padano. Je kunt dus verschillende kaassoorten met elkaar mengen.

Een bijkomend voordeel is, dat je dit deeg niet hoeft uit te rollen. Je vormt er een rol van, leg het in de koelkast en daarna is het gewoon plakjes afsnijden.

Ingrediënten Kaaskoekjes

ca. 40 stuks

  • 100 gram koude ongezouten roomboter, in blokjes
  • 100 gram patentbloem
  • ½ tl knoflookpoeder
  • ¼ theelepel zout
  • flinke snuf chilipoeder (pas op! niet te veel)
  • 100 gram geraspte kaas

Voor de garnering:

  • geklutst ei
  • sesamzaad, maanzaad, geraspte kaas en paprikapoeder

Werkwijze

  • Kneed alle ingrediënten tot een samenhangend deeg. Ik heb het in de standmixer gedaan met de platte menghaak met flexibele kant. Je kunt het ook in een foodprocessor doen. Of natuurlijk gewoon met je handen.
  • Leg daarna het deeg op een stuk plastic folie en rol het hierin op tot het een dikte heeft van ca. 4,5 cm doorsnee. Druk het goed aan, zodat er geen gaten inzitten.
  • Leg het deeg in de koelkast voor minimaal een uur of zelfs een dag, zodat het hard kan worden.
  • Verwarm de oven voor op 180°C.
  • Haal het plastic folie eraf en snij met een scherp mes plakjes van ca. 3 mm breed.
  • Leg ze dan op een met bakpapier beklede bakplaat. Laat wel wat tussenruimte tussen de koekjes, want ze zetten nog een beetje uit.
  • Bestrijk vervolgens alle koekjes met het geklutst eitje en bestrooi ze met het paprikapoeder, de maanzaadjes, de sesamzaadjes en de geraspte kaas.
  • Bak ze ca. 10-13 minuten in het midden van de oven tot ze een mooi goudbruin kleurtje hebben.
  • Haal de bakplaat uit de oven, laat ze even een paar minuten afkoelen en breng ze dan over naar een rooster, waar ze goed kunnen afkoelen.

Tips

  • Je kunt ze in een goed afgesloten trommel een paar dagen bewaren.
  • Wat ook lekker op deze kaaskoekjes is, is komijn.
kaaskoekjes van dichtbij



Pindakoeken

pindakoeken

Pindakoeken, wij zijn er gek op. Heerlijke brosse koeken royaal belegd met pinda’s. Heel erg leuk om af en toe te maken.



Ik gebruik voor dit recept half tarwebloem, half Zeeuwse bloem. Zeeuwse bloem zorgt voor nog brossere koekjes. Heb je geen Zeeuwse bloem, geen probleem, dan kan je ook gewoon 250 gram tarwebloem gebruiken.

Zijn de pinda’s ongeroosterd, rooster ze dan even een paar minuten in de oven. Ze hebben dan veel meer smaak. Spreid de pinda’s uit op een met bakpapier beklede bakplaat en doe ze 5 minuten in de voorverwarmde oven op 175°C. Halverwege een beetje husselen.

Ingrediënten Pindakoeken

ca. 24 stuks

  • 150 gram ongezouten roomboter
  • 150 gram witte basterdsuiker
  • klein ei (anders ½ ei)
  • 125 gram tarwebloem
  • 125 gram Zeeuwse bloem
  • 1 theelepel bakpoeder
  • ½ theelepel citroenrasp
  • snuf zout

  • ½ ei om in te smeren
  • 250 gram pinda’s

Benodigdheden

  • rolstok of deegroller
  • koekjesuitsteker 7 cm (heb je deze niet, dan kan je ook een glas gebruiken)
  • extra bloem voor het uitrollen

Werkwijze

  • Zorg dat de roomboter en eieren op kamertemperatuur zijn.
  • Doe de boter, de suiker, het citroenrasp en het zout in een kom en mix door elkaar.
  • Voeg daarna het ei toe en mix tot het volledig is opgenomen.
  • Meng de bloem en het bakpoeder goed door elkaar. Voeg vervolgens de bloem en het bakpoeder toe en kneed kort tot een samenhangend deeg.
  • Maak van het deeg een platte schijf, pak het in plastic folie en leg het minimaal een uur in de koelkast.
  • Verwarm de oven voor op 175°C.
  • Strooi wat bloem op je aanrecht en rol dan het deeg uit tot 4-5 mm dikte.
  • Steek met de koekjesuitsteker de koekjes uit en leg ze op een met bakpapier beklede bakplaat.
  • Bestrijk de koekjes met een geklutst eitje.
  • Verdeel daarna de pinda’s over de koekjes en druk ze een beetje aan.
  • Dan weer bestrijken met ei.
  • Doe de bakplaat in het midden van de voorverwarmde oven en bak ze in ca. 12-15 minuten tot ze mooi goudbruin zijn.
  • Haal de bakplaat uit de oven, laat ze iets afkoelen op de bakplaat en verplaats ze dan naar een rooster om ze volledig af te laten koelen.

Tips

  • In plaats van pinda’s kan je ook bijvoorbeeld hazelnoten, amandelen of macadamianoten gebruiken.
  • Bewaar de koekjes in een goed afgesloten trommel, dan blijven ze een aantal dagen vers.
pindakoek van dichtbij



Boterkoek

boterkoek met een stukje erop

Boterkoek, wel machtig, maar heel erg lekker. Het is natuurlijk niet goed voor de lijn, maar af en toe een stukje moet kunnen.



Hieronder een recept voor een echte lekkere boterkoek. Het is een typisch Hollands gebak. Als je in België boterkoek bestelt bij een bakker, krijg je gebak van gerezen bladerdeeg. Iets totaal anders dus. De koek mag de naam boterkoek alleen dragen, wanneer er echte roomboter wordt gebruikt.

Ingrediënten Boterkoek

12 tot 14 personen

  • 250 gram bloem
  • 200 gram ongezouten roomboter
  • 200 gram suiker
  • ½ vanillestokje of 8 gram vanillesuiker of theelepel vanille-extract
  • theelepel citroenrasp
  • 1 ei (+ extra ei om in te smeren)
  • snuf zout

Benodigdheden

  • boterkoekvorm 23 cm of een springvorm van 24 cm
  • bakspray of boter

Werkwijze

  • Verwarm de oven voor op 170°C (boven- en onderwarmte).
  • Snij het vanillestokje over de lengte in tweeën en schraap met een mesje het merg eruit.
  • Mix de boter, het vanillemerg, het citroenrasp en de suiker in een kom tot een luchtig mengsel. Voeg het ei en de snuf zout toe. Vervolgens voeg je de bloem toe en meng dit goed door het deeg heen. Niet te lang mixen: het eindresultaat wordt dan te luchtig en dat is niet de bedoeling van een boterkoek.
  • Vet de bakvorm in en verdeel het deeg over de bodem. Als je er een stukje plastic folie oplegt, kan je heel makkelijk met je handen het deeg glad maken.
  • Bestrijk dan het deeg met het extra geklutst ei en trek met een vork mooie lijnen over het deeg. Dit zorgt ervoor dat het geklopte ei niet loskomt van de boterkoek.
  • Zet de bakvorm in het midden van de oven en bak hem gaar en goudbruin in ca. 25 minuten.
  • Laat de boterkoek afkoelen in de vorm. Als je hem meteen na het bakken eruit wilt halen, breekt de koek.

Tips

  • Je kunt de boterkoek, afgedekt met aluminiumfolie, zo’n 3-4 dagen bewaren.
  • Je kunt hem ook invriezen, dan blijft hij ca. 3 maanden goed.
  • Je kunt ook een brownieblik gebruiken, vet de vorm eerst in en leg er dan een stuk bakpapier in, aan weerskanten er uit laten steken, dan kun je hem makkelijk uit de vorm halen. En dan in vierkante stukjes snijden.
boterkoek



Kerstkransjes

kerstkransjes op bordje

Roomboter kerstkransjes horen echt bij de kerst, vind ik. Kerstkransjes met parelsuiker (greinsuiker), met geschaafde amandelen, met musketzaad of met chocolade. Allemaal heel erg lekker en helemaal niet moeilijk te maken. Leuk om uit de delen!



Ingrediënten Kerstkransjes

voor ca. 48 stuks (hangt af van de grootte van je uitsteker)

  • 225 gram ongezouten roomboter
  • 150 gram witte basterdsuiker
  • 300 gram bloem
  • 1 eidooier
  • 1 theelepel vanille-extract
  • snufje zout
  • geklutst eitje
  • geschaafde amandelen, parelsuiker, musketzaad ter garnering

Benodigdheden

  • uitsteker gekarteld ca. 7 cm doorsnede (of een bloemvorm, zoals ik gebruikte)
  • klein rond uitstekertje van 1½ cm (of de achterkant van een spuitmondje of de appelboor)
  • bakkwastje

Werkwijze

  • Doe de boter, de basterdsuiker en het vanille-extract in een beslagkom en mix tot een romig mengsel. Voeg de eidooier toe en mix tot het ei compleet is opgenomen. Doe de bloem en het zout erbij, mix nog even door en kneed het dan met je handen tot een stevige bal.
  • Doe het deeg daarna in plastic folie en laat het tenminste een uur in de koelkast rusten.
  • Verwarm de oven voor op 170°C.
  • Rol het deeg uit op een met bloem bestoven aanrechtblad of werkblad tot een dikte van ca. 3-4 mm.
  • Steek koekjes uit met de gekartelde uitsteker en leg ze op een met bakpapier beklede bakplaat.
  • Steek vervolgens met het kleine uitstekertje een kleine cirkel uit het midden. Door dit op de bakplaat te doen, blijft de vorm van het koekje mooi behouden.
  • Deze stukjes kan je weer bij het deeg doen.
  • Ga door tot al het deeg op is.
  • Besmeer met de bakkwast de koekjes met het geklutst eitje en strooi er daarna de geschaafde amandelen, de parelsuiker of het musketzaad over. Druk dit zachtjes aan.
  • Doe de bakplaat in het midden van de voorverwarmde oven en bak ze in ca. 14-16 minuten gaar en goudbruin.
  • Haal de bakplaat uit de oven, leg de koekjes op een rooster en laat ze afkoelen. Als de koekjes net uit de oven komen, zijn ze nog zacht. Als ze afkoelen, worden ze vanzelf krokant en knapperig.

Tips

  • Als je geen parelsuiker hebt, kun je ook rietsuiker of gewone suiker gebruiken.
  • Met een lintje eraan kun je de kerstkransjes ook in de kerstboom hangen.
  • De koekjes blijven een kleine week goed in een goed afgesloten koektrommel.
kerstkransje van heel dichtbij



Citroencake

citroencake

Een heerlijke frisse citroencake. Voor deze cake is het basisrecept voor de vanillecake gebruikt. Dit is echt een hele lekkere cake, en je kunt hem nog meer naar citroen laten smaken door er citroensiroop over te lepelen.



Door het weglaten van vanille en het toevoegen van citroenrasp wordt het een citroencake. Zo simpel is het. Als je eerst het rasp van de citroen afhaalt met een fijne rasp, kan je daarna de citroen uitpersen en het sap in een ijsblokjesvorm doen en in de vriezer zetten. Als je dan eens een keer citroensap nodig hebt, kun je een blokje uit de vriezer halen. Zo hoef je niets weg te gooien.

Of je maakt van het sap en 75 gram poedersuiker een siroop. Als de cake klaar is, laat je hem in de vorm zitten en prik je met een satéprikker gaatjes in de cake. Lepel de siroop over de warme cake. Haal hem na 10 minuten uit het bakblik en laat hem verder afkoelen op een rooster.

Ingrediënten Citroencake

  • 200 gram ongezouten roomboter
  • 200 gram zelfrijzend bakmeel
  • 4 eieren
  • 200 gram suiker
  • rasp van een citroen of 2 theelepels citroenrasp
  • snuf zout

Benodigdheden

  • cakeblik 25 cm
  • bakspray of beetje boter en bloem (of zelfrijzend bakmeel)

Werkwijze

  • Verwarm de oven voor op 160°C.
  • Zorg ervoor dat de eieren en roomboter op kamertemperatuur zijn.
  • Spuit je bakblik in met bakspray of vet het bakblik in met boter en bebloem de vorm met bloem of zelfrijzend bakmeel.
  • Mix de boter, suiker, citroenrasp en zout tot een romig mengsel.
  • Voeg dan de eieren één voor één toe. Doe het volgende ei er pas bij als het vorige volledig is opgenomen.
  • Doe daarna in gedeelten het zelfrijzend bakmeel erbij.
  • Mix tot een egaal en luchtig beslag.
  • Stort het beslag in het ingevette cakeblik.
  • Zet het cakeblik op een rooster in het midden van de oven en bak de cake in ca. 50 minuten goudbruin en gaar (elke oven is weer anders, dus de baktijd kan per oven iets verschillen).
  • Prik met een satéprikker in de cake en als de prikker er schoon uitkomt, is de cake gaar.
  • Stort de cake op een rooster en laat hem volledig afkoelen.

Tips

  • Heb je een cakeblik van 30 cm, dan pas je het recept aan: 250 gram ongezouten roomboter, 250 gram zelfrijzend bakmeel, 250 gram suiker en 5 eieren. De rest blijft hetzelfde.
  • Je kan deze citroencake goed bewaren door hem in te pakken in aluminiumfolie. Zo blijft hij wel een week goed.
  • Je kunt de cake ook invriezen, dan blijft hij ca. 3 maanden goed.
plakjes citroencake