Kaneelkrakelingen

Kaneelkrakelingen, heerlijke brosse koekjes met een vleugje kaneel. Onweerstaanbaar lekker. En deze koekjes zijn snel en makkelijk zelf te maken.
Zorg ervoor dat de boter heel zacht is. Haal het ruim van te voren uit de koelkast, en voordat je gaat beginnen, verwarm je de boter ca. 10 seconden in de magnetron. Het mag niet vloeibaar zijn, maar wel boterzacht (leuke woordspeling, ha ha). Hoe zachter de boter, hoe makkelijker je het beslag uit de spuitzak krijgt.
Ingrediënten Kaneelkrakelingen
voor ca. 20 stuks
- 25 gram poedersuiker
- 90 gram witte basterdsuiker
- 190 gram ongezouten roomboter
- 40 gram melk, lauwwarm
- 125 gram patentbloem
- 125 gram Zeeuwse bloem
- 2 gram zout
- theelepel kaneelpoeder
voor de kaneelsuiker:
- 2 eetlepels suiker
- 1 theelepel kaneelpoeder
- of je gebruikt kant-en-klare kaneelsuiker
Benodigdheden
- spuitzak met kartelspuitmondje (1M van Wilton)
Werkwijze
- Verwarm de oven voor op 160°C (boven- en onderwarmte).
- Mix de boter, de poedersuiker, de basterdsuiker, het zout, kaneelpoeder en de melk tot een romig mengsel.
- Roer de patentbloem en de Zeeuwse bloem goed door elkaar en voeg dan in 3 gedeelten toe aan je beslag. Mix tot een egaal beslag (niet te lang mixen).
- Schep daarna het beslag in de spuitzak. Spuit de krakelingen op een met bakpapier beklede bakplaat. Ik kreeg er 10 op de bakplaat, dus in tweeën in de oven gedaan. Spuit de krakelingen met wat ruimte ertussen, ze zetten nog iets uit.
- Meng dan de suiker met het kaneelpoeder (of gebruik kant-en-klaar) en strooi over de krakelingen.
- Bak vervolgens de koekjes in de oven in ca. 20 minuten goudbruin en gaar.
- Als de kaneelkrakelingen uit de oven komen, breng ze dan over op een rooster om volledig af te laten koelen.
Tips
- Ik heb Zeeuwse bloem gebruikt, maar als je dat niet hebt, kun je ook 250 gram patentbloem gebruiken.
- Zoals ik altijd met koekjes bakken doe, is een paar vellen krantenpapier onder mijn bakpapier leggen. Dan wordt de onderkant niet te donker.
